Verhaal

Een onbekend woord

Dat Nederlands een levende taal is merken we vrijwel voortdurend

groningen Vincent Erdin

Nederlands is een taal waar woorden nog dagelijks aan worden toegevoegd omdat er iets nieuws op de markt verschijnt waar een woord voor bedacht moet worden.

stad vollenhove

Talen zijn aan verandering onderhevig. Van de 7.000 talen die er op de wereld gesproken worden verdwijnen er een aantal, dat staat vast. Door de 'verengelsing' zullen inwoners van landen waar veel handelsverkeer is sneller geneigd zijn om het Engels over te nemen. Zo ook in het Nederlands, hoeveel woorden hebben we al niet 'geleend' maar die eigenlijk permanent zijn opgenomen in het vocabulair, de woordenschat.

Of het Nederlands daarmee uiteindelijk plaats gaat maken voor het Engels is afwachten. Veelzeggend is dat enkele jaren geleden het onderwijs op universiteiten steeds vaker in het Engels werd gegeven. Inmiddels wordt dat 'verengelsen' een halt toegeroepen. Enerzijds om de stroom buitenlandse studenten wat in te dammen, anderzijds om het Nederlands niet direct bij het grofvuil te willen zetten.

Nederlands als levende taal. Er komen woorden bij en er verdwijnen ook woorden. Woorden die we niet meer gebruiken waardoor de betekenis van zo'n woord in de vergetelheid raakt. Door het naslaan van oude geschriften duikt een onbekend woord dan ineens weer op.

In 1819 wordt er een prijseerder aangesteld in de gemeente Stad Vollenhove. Nu is spelling van een woord een beetje verwarrend omdat er in de negentiende eeuw nog geen uniforme spelling bestond. Het woord prijseerder staat in het raadsverslag van april en een maand later gaat het om een priseerder. Een verschrijving van de secretaris valt niet uit te sluiten. Op de afbeelding komt het woord voor in de regel die begint met: 'Gedelibereerd zijnde over de aanstelling van een priseerder voor het geslagt'

Priseerder komt van het Franse woord: priseur, een leenwoord derhalve. Het woord priseerder wil zoveel zeggen als schatten of taxeren. Een gemeentelijke taxateur. Maar waarom zou een gemeente een taxateur willen aanstellen en met welk doel. Wat moet er getaxateerd worden. Ook nu anno 2026 wordt er door een gemeente erg veel op waarde geschat. Dat heeft niet alleen betrekking op het vele vrijwilligerswerk dat niet zich in geld uit laat drukken maar vooral op alles wat wel in geld valt uit te  drukken en dus inkomsten kan genereren.

Het Gemeentefonds is als inkomstenbron van een gemeente lang niet toereikend voor alle uitgaven. Er moeten aanvullende bronnen worden gevonden. Als inwoner met een eigen woning valt binnen enkele weken weer de aanslag gemeentelijke belastingen op de deurmat. De woning is op een bepaalde waarde geschat. 

Diensten van een gemeente kunnen ook in geld worden uitgedrukt en daar worden dan legeskosten voor geheven: verlenen van een ID kaart, paspoort, akte, vergunning etc. Jaarlijks doorgaans bij het behandelen van de begroting worden de legeskosten voor het volgende jaar vastgesteld. Nu is een gemeente niet helemaal vrij om de legeskosten aan te passen. Er is een zekere bandbreedte: de inflatiecorrectie. 

In de tijd van de Vollenhoofse priseerder viel er wel meer te taxeren waar we nu niet zo snel meer aan zouden denken: vee, land of een lading van een schip. Vollenhove had stadsboeren, zij hadden land buiten de stad en een haven. Taxeren kon daarmee op van alles betrekking hebben. Uit de tekst in het raadsverslag wordt duidelijk dat Hendrik Jans van der Linde uit hoofde van zijn functie vooral het vee op waarde moest beoordelen. 

De inwoners van de woningen uit Vollenhove die nu in het Zuiderzeedorp staan moesten hoe dan ook rekening houden met het werk van de priseerder/ taxateur. Wie de moeite neemt om na te gaan in welke periode het woord werd gebruikt zal weinig treffers vinden. Tussen 1819 en 1849 zijn er slechts 16 vermeldingen. Kennelijk duurde het enige tijd om er een goed Nederlands woord voor te vinden en als dat gelukt is heeft het geen zin meer om het leenwoord nog langer te gebruiken.  

 

bijdrage geplaatst: 13 januari 2026

afbeelding Gemeentearchief Steenwijkerland: raadsverslag 26 mei 1819 Stad Vollenhove