Verhaal

Overstroming 1916 - De Dijk Bezwijkt

Eemnes - De dijk bezwijkt

Fallback Image Profiel Harm Boerma

In Eemnes bezwijkt de Wakkerendijk op twee plaatsen.

In de eerste helft van januari 1916 is het stormachtig weer, de dagen voorafgaand aan de ramp continue windkracht 8 tot 9. Door de hoge waterstand staat de Maatpolder en bekaaide Uiterdijken, het gebied tussen de Eem en de zomerdijk, al onder water. In de vooravond van 13 januari verslechtert de situatie in rap tempo. Eerst seint de molenaar bij de Eemnesser sluis nog met een wit licht dat het water de kruin van de zomerdijk heeft bereikt. Even later is zijn rode licht voor de inwoners van het een paar kilometer verderop gelegen Eemnes het signaal dat het water inmiddels over de dijk stroomt en de polders in loopt.

De bewoners achter de dijk hebben inmiddels maatregelen genomen. “De geweldige wind van Donderdagmorgen, die in den namiddag in een storm ontaardde en in den avond nog in kracht toenam, deed velen, achter den dijk wonende, alle krachten inspannen om niet door een vloed verrast te worden. Alles, wat door ‘t water kon wegdrijven, werd vastgemaakt en vele zaken naar een hooger gedeelte van ‘t huis overgebracht. Die voorzorgsmaatregelen waren niet te vergeefs genomen, want in den vooravond stroomde het zeewater met zulk een geweld den binnenpolder in, dat de hoogstgelegen huizen achter den Wakkeren dijk overstroomden. Kamers, die zo hoog gebouwd waren, dat men ze beveiligd achtte voor overstrooming, werden nu onder water gezet tot zeer groote schade van de eigenaars”, schrijft de Gooi- en Eemlander op 15 januari.

mennegat

Het water stroomt op verschillende plaatsen over de Wakkerendijk/Meentweg. Veel mennegaten* laten water door, maar dat is niet zo verontrustend. Een kapotte heul** in de binnendijk kan men nog gemakkelijk herstellen en een doorbraak bij een mennegat aan de Wakkerendijk (nu: bij Meentweg 107) kan snel worden gedicht door er een boerenwagen dwars in te rijden.

Doorslaggevend voor Eemnes is dat het brede mennegat aan het eind van de Wakkerendijk (nu: Meentweg) onder de druk van het water bezwijkt. De stenen muren en een gedeelte van de dijk worden over een lengte van 35 meter weggeslagen. Het water stroomt met geweld door de opening en zet de hele Noordpolder te Veen onder water. Dat is in geen tweehonderd jaar voorgekomen. Vervolgens breekt de Vetdijk door en lopen ook de aan Eemnes grenzende Huizer Maatlanden vol.

gat in dijk eind meentweg

De Eemnessers die zijn toegesneld om het grote gat aan het eind van de Wakkerendijk/Meentweg te dichten, kunnen in het donker weinig uitrichten. Op verzoek van burgemeester Rutgers van Rozenburg arriveren in de vroege morgen militairen die gelegerd zijn in Laren (De Tijd heeft het over 300! man). Zij beginnen met het kappen van bomen om daarmee het gat te sluiten. Zakken zand helpen weinig en worden soms door het water meegevoerd. Als de toestand van minuut tot minuut verder verslechtert, vordert de burgemeester het schip van turfschipper Hendrik Kuiper om dat in het gat te laten zinken om zo het water tegen te houden.

schip kuiper

Zover komt het niet. Door doorbraken aan de andere kant van de Eem begint het water bij Eemnes te zakken, waardoor het schip van Kuiper niet meer over de zomerdijk kan varen en zijn doel - het gat in de dijk – niet kan bereiken. Een paar dagen later, op 17 januari, laat De Tijd weten dat ‘dank zij het ijverig werken der burgers en militairen’ het gat in de dijk zo goed als gedicht is.

Om te verhinderen dat het water vanuit de Noordpolder te Veen de Zuidpolder te Veen binnenstroomt, wordt langs de Rijksstraatweg naar Laren, van de hoek met de Wakkerendijk tot aan de sparrenbomen, een nooddijk aangelegd. “Er werd zeker door vijftig voerlui grond van ‘t bouwland gehaald om dien aan den noordkant van den weg tot een dijk op te werken, terwijl een massa volk bezig was om graszoden van den berm af te stekken en die tot bedekking te bezigen“, aldus de Gooi- en Eemlander. Ook hier worden militairen uit Laren ingezet.

*Een mennegat is een doorgang in de dijk, van de weg naar de polder. Van het voorjaar tot de herfst konden de boeren door de doorgangen hun hooi- en weiland in de polder bereiken. Van 15 oktober tot in het voorjaar waren de mennegaten afgesloten met twee rijen planken. De ruimte er tussen was opgevuld met aangestampte mest.
**Een heul of duiker is een kokervormige constructie onder een weg of in een dijk die wateren met elkaar verbindt.

Bronnen: Margriet Mijnssen-Dutilh, Een vallei vol water. Waterschapskroniek Vallei en Eem 1616-2011, SPOU/Waterschap Vallei en Eem, 2011.; H.P. Moelker, De Zuidkust van de Zuiderzee geteisterd door de stormvloed januari 1916, Alphen aan den Rijn, 1986; De Gooi en Eemlander 15 januari 2016; De Tijd, 17 januari 2016; foto: Historische Kring Eemnes.